Shapeshifters: Schumann Romances

In samenwerking met Máté Szücs, solist Berliner Philharmoniker
Synopsis

Tussen 1849 en 1853 – een van zijn meest productieve periodes – componeerde Schumann acht gemengde kamermuziekwerken voor diverse instrumenten met piano waaronder de Romances Op. 94.
Schumann zou zijn Romances als kerstcadeau voor zijn vrouw Clara hebben gecomponeerd. De werken vertonen typische kenmerken van de Biedermeiermuziek: kleinschalige, lichte en opgewekte stukjes met een poëtisch, lyrisch karakter. Het zijn kleinere kamermuziekwerkjes met piano, die een poëtische titel dragen: Phantasiestücke (oorspronkelijk “Soiréestücke” genoemd), Märchenbilder (vier karakterstukjes die niets met sprookjes te maken hebben, maar “Märchen” hoorde eenvoudig bij het romantische titelrepertoire), Romances en Märchenerzählungen.

Uniek: Terra Nova brengt op dit concert drie alternatieve versies van de Romances Op. 94.

Programma

Märchenbilder für Viola und Klavier Op. 113
Drei Phantasiestücke für Klarinette und Klavier Op. 73
Nicht Schnell uit Drei Romanzen Op. 94, in versie voor hobo, klarinet en altviool Märchenerzählungen für Klarinette, Viola und Klavier Op. 132

Credits

Máté Szucs, altviool
Michèle Gurdal, piano
Luk Nielandt, hobo
Vlad Weverbergh, klarinet

De cd

schumann

Onderzoeksluik

Schumann Romances – Alternatieve Versies – Vlad Weverbergh

De Romances Opus 94 dateren uit 1849, één van Schumann’s meest productieve periodes. Hij componeerde deze Romances als kerstcadeau voor zijn vrouw Clara.  Het werk werd voor het eerst gespeeld bij de Schumanns thuis en de eerste publieke uitvoering vond plaats op 24 januari 1863 in het Gewandhaus te Leipzig.

De Romances werden origineel gecomponeerd voor hobo en piano. Schumann was aanvankelijk helemaal niet te vinden voor een alternatieve editie voor klarinet. In een brief aan Schumann uit 1850, waarin uitgever Simrock ontvangst van het werk bevestigt, stelt de uitgever de vraag of Schumann zou willen instemmen om naast de titelpagina met vermelding “voor hobo en piano” een alternatieve titelpagina “voor klarinet en piano” te voorzien. Schumann repliceert hierop: “Moest ik het werk oorspronkelijk bedoeld hebben voor klarinet en piano was dit een totaal ander stuk geworden.” … “Het spijt me dus dat ik uw verzoek niet kan inwilligen”. Desalniettemin verzorgde de uitgever toch een uitgave voor klarinet en bovendien ook nog een versie voor viool.

Toen in 1878 de volledige Schumannuitgave onder supervisie van echtgenote Clara Schumann verscheen bij Breitkopf & Härtel werd enkel de alternatieve versie voor viool vermeld. Dit had waarschijnlijk te maken met het feit dat Clara het werk in Leipzig zelf uitvoerde met violist Schubert.

Alternatieve uitgaven en uitvoeringen zijn in de geschiedenis gebruikelijk en bovendien ook logisch. Economische wetten dicteren dat uitgevers graag zoveel mogelijk partituren verkopen.  Ook vanuit het standpunt van de musici is het begrijpelijk dat ze graag topwerken uitvoeren al werden deze niet oorspronkelijk voor hun instrument gecomponeerd.

Terra Nova presenteert voor de eerste maal twee alternatieve versies op één album. De eerder besproken Simrock versie voor klarinet en een unicum: een versie voor altviool geïnspireerd door de alternatieve versie van de klarinetsontates op altviool van Schumanns protégé Johannes Brahms. U kan nu zelf de verschillende muzikale versies ervaren.

Gotlieb Biedermeier – An Mercelis
De naam “Biedermeier” roept meestal de associatie op met ronde, kleurrijke bloemboeketjes. Soms denkt men ook aan de typische, verfijnde burgerlijke meubelkunst. In de muziek is de term “Biedermeier” eerder ongewoon.
“Biedermeier” verwijst naar een kunststroming van 1815 (Congres van Wenen) tot 1848 (Duitse Maartrevolutie), in hoofdzakelijk de Duitstalige landen. Het woord was oorspronkelijk bedacht als naam voor een karikaturale schoolmeester, Gottlieb (liefhebber van God) Biedermeier (bieder: rechtschapen, maar ook conservatief, goedgelovig – meier: gewone Duitse familienaam). Dit fictief, saai, kleinburgerlijk personage was een creatuur van Ludwig Eichrodt (1827-92), auteur van een reeks komische verzen, gepubliceerd in de “Fliegende Blatter”, een populair, humoristisch, politiek magazine. De Romantici pasten de term aanvankelijk in denigrerende zin toe om de spot te drijven met de, in hun ogen, slechte, ouderwetse smaak van de conventionele burger die een hekel had aan de subjectieve emotionaliteit en de pathos in de nieuwe kunst van de Romantiek.
Als reactie op de Napoleonistische oorlogen en de politieke onrust daarna trok de burgerij zich terug in de familiale omgeving van hun comfortabele huizen, waar ze genoten van een pretentieloos, knus en schijnbaar blijmoedig leven.
Op muzikaal gebied leidde dit naar de opkomst van de huismuziek. De salon werd het culturele centrum waar familie en vrienden bijeenkwamen om te genieten van muziekvoorstellingen. Componisten schreven steeds vaker kleinschalige, lichte en opgewekte stukjes met een poëtisch, lyrisch karakter, die titels dragen als “Albumblatt”, “Bagatelle”, “Impromptu”, “Lieder ohne Worte”.
De piano was het huisinstrument bij uitstek en kon niet ontbreken in de muzikale salon. Zeer geliefd bij de burgerij was de pianomuziek van Franz Schubert (Liederen met piano) en Robert Schumann. Vaak begeleidde de piano ook een stem of een strijk- of blaasinstrument. Populair en commercieel voordelig waren muziekstukken die op verschillende instrumenten konden worden uitgevoerd.
Tussen 1849 en 1853 componeerde Schumann acht gemengde kamermuziekwerken voor diverse instrumenten met piano. Op de CD zijn vier van deze stukken opgenomen. Zij vertonen de kenmerken van de Biedermeiermuziek: het zijn kleinere kamermuziekwerkjes met piano, die een poëtische titel dragen:
Phantasiestücke (oorspronkelijk “Soiréestücke” genoemd), Märchenbilder (vier karakterstukjes die niets met sprookjes te maken hebben, maar “Märchen” hoorde eenvoudig bij het romantische titelrepertoire), Romances en Märchenerzählungen.