Verdwenen: Tobi

 Een vergeten klarinetvirtuoos uit Antwerpen

Titelbladtobi

Vlad Weverbergh, klarinet
Katalin Hrivnak , viool
Edouard Catalan, cello
Luc Van Vaerenbergh, continuo

Deze opname maakt deel uit van een Terra Novaproject over een Antwerpse tijdgenoot van Mozart: componist en klarinetvirtuoos Henri Joseph Tobi (1741-1809).

Het ruime project behelst opnames van zijn composities, uitgave van zijn partituren en een boek over zijn leven, werk en het muzikale klimaat in Antwerpen ten tijde van Mozart.

 Tobi werd voor het eerst op de kaart gezet door de musicologe Godelieve Spiessens in de culturele jaarboeken van de provincie Antwerpen. Spiessens’ levenslange onderzoek over deze periode was voor dit project overigens van onschatbare waarde, temeer omdat ook informatie over andere componisten naar boven kwam.

Tijdens een bezoek aan de Oostenrijkse Nederlanden noteerde de beroemde musicoloog Charles Burney in zijn dagboek: „vals gestemde instrumenten,  onbehouwen musici en tweederangs uitvoeringen”. Ondanks deze pessimistische visie van de kritische Brit brengt meer en meer onderzoek aan het licht dat op het einde van de achttiende eeuw het muziekleven in Antwerpen bijzonder actief was. Het feit alleen dat rond 1760 van de zes officieel benoemde en beëdigde stadsspeellieden er reeds vier klarinet bespeelden, is op zijn minst opmerkelijk. Dit instrument maakte nauwelijks 10 jaar daarvoor – omstreeks 1750 – een Europese doorbraak. Tijdens de Oostenrijkse periode waren in de Zuidelijke Nederlanden overigens twee belangrijke klarinetbouwers bedrijvig, de families Tuerlinckx uit Mechelen en De Rottenburgh uit Brussel, die een grote reputatie genoten tot ver buiten onze grenzen.
Voor de huidige opname bespeel ik een klarinet die werd nagebouwd op een ontwerp van Tuerlinckx, een blaasinstrument zoals dat in de achttiende eeuw door Henri Joseph Tobi werd bespeeld.
De muziek op deze cd telt een set van zes trio’s voor klarinet, viool en bas. De duocombinatie van klarinet en viool is eerder uitzonderlijk. Het is charmante muziek die waarschijnlijk bedoeld was om gespeeld te worden in de sfeervolle salons van de Antwerpse stadspaleizen. Het enig overgebleven exemplaar van deze partituur werd uitgegeven in Parijs en wordt momenteel tentoongesteld in het museum Vleeshuis in Antwerpen. Het werk is opgedragen aan baron  Charles de Proli, muzikaal mecenas en sponsor van de opera van Antwerpen, Brussel en Parijs.

Six trios pour une clarinette, un violon et une basse: Oeuvre Première

Van de achttiende-eeuwse Antwerpse muzikantenfamilie Tobi was de fagot-, hoorn- hobo- en klarinetspeler Henricus Josephus Jacobus Tobi (1741-1809) vermoedelijk de enige componist. Van zijn oeuvre zijn twee sets kamermuziek en een aantal religieuze werken tot ons gekomen.

Als poorter en als lid van Sint-Job en Sint-Maria-Magdalena, de gilde van de muzikanten,  kwam hij in 1764 in aanmerking om opgenomen te worden als een van de zes ‘gesworen’ Antwerpse stadsspeellieden, een benoeming die gold voor het leven. De Zes speelden dagelijks op het plein voor het stadhuis, begeleidden hoogwaardigheidsbekleders als die zich in de stad verplaatsten, traden op bij Blijde Intredes, cavalcades, processies en ommegangen. Ook in de kerk kon men hen beluisteren tijdens de talrijke missen en tijdens de biddagen.
Tot in 1795 de ambachtsgilden door de Franse administratie werden afgeschaft. De functie van stadsspeelman was zeer gegeerd, want zij maakte deel uit van de hogere stadsambtenarij. De officiële plichten van de stadsspeellieden verwaterden vanaf het einde van de achttiende eeuw, mede door het toenemende succes van concerten, operavoorstellingen en redoutes. Onze klarinettist-componist kon je vaak vinden als lid van het aalmoezeniersorkest in de toenmalig belangrijkste speellocatie van Antwerpen, het Tapissierspand.
Ook na de afschaffing van zijn functie als muziek-ambtenaar in 1795 slaagde hij er best in om zich te handhaven. Door zijn goede relaties kon hij zich in de Franse tijd als een soort muziek-ondernemer vestigen die heel wat lucratieve opdrachten voor zichzelf en zijn collega’s muzikanten in de wacht wist te slepen.
Voor wie Tobi zijn Première oeuvre componeerde en met wie hij de trio’s uitvoerde blijft giswerk. Zoals het bij de gewoontes van die periode paste, zullen de trio’s zeker gespeeld zijn ten huize van gegoede burgers. Trio’s voor klarinet in combinatie met viool zijn eerder zeldzaam. Het is aannemelijk dat Tobi zelf de klarinetpartij voor zijn rekening zal genomen hebben. Tot Tobi’s directe kennissenkring behoorden voldoende violisten waaronder Joannes Franciscus Redein, Jan Baptist Van Hoof of de tijdens de Franse periode beruchte vrijmetselaar Simon Gautier, alias Dargonne.